Wat is een arbeidsdeskundig onderzoek ?

Als een werknemer ziek wordt, moet de werkgever zorgen voor een tijdige en adequate verzuim- en re-integratieaanpak. De regels die hierbij gelden zijn vastgelegd in de Wet verbetering poortwachter, de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar en de Beleidsregels beoordelingskader poortwachter (met bijlage).

De Wet Verbetering Poortwachter beschrijft tot in detail voor wat er moet gebeuren als er sprake is van langdurig verzuim van uw medewerker. Zo worden er een probleemanalyse, een plan van aanpak en een eerstejaarsevaluatie opgesteld. De documenten vormen onderdeel van een re-integratiedossier dat bij een claim op een WIA-uitkering door het UWV getoetst wordt, de zogenaamde re-integratieverslagtoets (RIV-toets). 

Bij ziekte van zijn werknemer moet de werkgever ervoor zorgen dat het functioneren van de werknemer in de arbeid zo snel en volledig mogelijk wordt hersteld, waardoor een onnodig beroep op een uitkering wordt voorkomen. Bij het toetsen van de re-integratie-inspanningen stelt UWV vast of werkgever en werknemer in redelijkheid konden komen tot de re-integratie-inspanningen die zijn gedaan. UWV doet dat aan de hand van het re-integratieverslag (RIV) dat de werkgever en de werknemer samen opmaken.

Als een werknemer door ziekte bijna een jaar uit de roulatie is (of eerder als er sprake is van een medische eindsituatie of richting aan de re-integratie moet worden gegeven), komt de arbeidsdeskundige in beeld om een arbeidsdeskundig onderzoek af te nemen. Met het arbeidsdeskundig onderzoek adviseert de arbeidsdeskundige over de re-integratiemogelijkheden van de werknemer. Andere taken, minder werken, verplaatsing naar een andere afdeling of op zoek gaan naar nieuw werk bij een andere werkgever. De arbeidsdeskundige onderzoekt samen met werkgever en werknemer op welke manier de werknemer weer aan de slag kan of kan blijven.

Waar gaat het onderzoek over

De arbeidsdeskundige gaat afzonderlijk in gesprek met de werkgever en de werknemer. Daarna vindt er gezamenlijk een afsluitend gesprek plaats.

Na de gesprekken stelt de arbeidsdeskundige het arbeidsdeskundig adviesrapport op dat wordt gebruikt als leidraad bij het verdere re-integratietraject. Het doel van het arbeidsdeskundig onderzoek wordt (meestal) bepaald door 4 vragen:

  1. Is de werknemer geschikt of ongeschikt voor zijn/haar eigen werk?
  2. Indien ongeschikt, kan het werk dan worden aangepast?
  3. Indien het werk niet kan worden aangepast, kan de werknemer binnen het bedrijf ander passend werk verrichten?
  4. Zo niet, zijn er dan mogelijkheden richting ander passend werk buiten de organisatie?

Wat is de werkwijze ?

Passend werk is werk dat de werknemer kan verrichten met zijn huidige belastbaarheid. De belastbaarheid van de werknemer wordt door de bedrijfsarts, tijdens het spreekuur met werknemer, vastgesteld in een inzetbaarheidsprofiel (IZP). In het IZP staan de beperkingen van de werknemer beschreven. De arbeidsdeskundige stelt de belasting in het werk vast.

De arbeidsdeskundige stelt een adviesrapport op. Hierin wordt antwoord gegeven op de bovenstaande vier vragen.

Na ongeveer 2 weken ontvangen werkgever en werknemer het concept adviesrapport. De werkgever ontvangt een conceptversie met daarin de weergave van het gesprek met de werkgever. De werknemer ontvangt een conceptversie met de weergave van het gesprek met de werknemer. De arbeidsdeskundige vraagt u om dit goed te lezen en het te laten weten als er onjuistheden in staan of als iets verkeerd geïnterpreteerd is. U krijgt daar 5 werkdagen te tijd voor. Zodra een reactie is ontvangen zal de arbeidsdeskundige een definitief rapport sturen. De werkgever en werknemer hebben correctierecht ten aanzien van de persoonlijke gegevens en de gespreksverslagen. Het correctierecht is beperkt tot dat deel. Daarmee is de onafhankelijke positie van de arbeidsdeskundige geborgd. Het rapport is voor de werknemer, werkgever en de casemanager. Met de adviezen uit het rapport kunnen werkgever en werknemer verder richting geven aan de re-integratie.

Hoe kunt u zich voorbereiden op het arbeidsdeskundig onderzoek?

Werkgever en werknemer ontvangen bij de bevestiging van de afspraak voor het arbeidsdeskundig onderzoek een vragenformulier. Vul deze zo compleet mogelijk in en stuur deze voor de gesprekken plaatsvinden naar de arbeidsdeskundige. Zijn er aanvullende vragen, dan kunnen ze vooraf of tijdens het gesprek aan de arbeidsdeskundige worden gesteld. De werknemer mag ter ondersteuning iemand bij het gesprek meenemen, bijvoorbeeld een partner of een andere (vertrouwens) persoon.